Medische Encyclopedie – Apotheek Weijer – Gouda

Apotheek Weijer

Medische Encyclopedie

Inhoud

Lymeziekte

Wat is lymeziekte?

De ziekte van Lyme wordt door de bacterie Borrelia veroorzaakt. Daarom heet de ziekte ook wel Borreliose.
Teken kunnen deze bacterie aan mensen doorgeven.

De ziekte van Lyme is lastig te herkennen: De klachten komen pas na weken tot maanden en niet allemaal tegelijk. Daar komt bij dat diezelfde klachten ook een andere oorzaak kunnen hebben.

Als u klachten van de ziekte van Lyme vroeg ontdekt, dan is de ziekte goed te behandelen.

  • De ziekte van Lyme wordt overgedragen door teken. Teken zijn kleine, spinachtige diertjes die in struiken en hoog gras leven. De teek bijt zich vast in de huid van mensen of dieren en voedt zich met bloed. Daarbij kan de teek de ziekmakende bacterie Borrelia aan de mens of dier doorgeven.
  • In Nederland is gemiddeld 1 op de 5 teken (20 procent) besmet met de bacterie die de ziekte van Lyme kan veroorzaken. Wel zijn er grote verschillen: op de ene plaats is de helft van de teken besmet, op andere bijna geen. De meeste mensen worden niet ziek na een tekenbeet. De kans op de ziekte van Lyme na een tekenbeet is ongeveer 2-3 procent. Dat betekent dat als 100 mensen door een teek worden gebeten, 2 of 3 daarvan de ziekte van Lyme krijgen.
  • Tekenbeten zijn vaak pijnloos. Iemand kan dus de ziekte van Lyme krijgen zonder ooit een tekenbeet te hebben opgemerkt.
  • Na besmetting met de bacterie Borrelia bent u niet immuun: Elke nieuwe tekenbeet kan bij u opnieuw de ziekte van Lyme veroorzaken.
  • Dieren of mensen die de ziekte van Lyme hebben, kunnen de ziekte waarschijnlijk niet aan u doorgeven.

Kan ik er zelf iets tegen doen?

Wat kan de apotheker voor mij doen?

Uw apotheker zorgt ervoor dat u uw medicijnen goed en veilig kunt gebruiken. Het maakt niet uit of u een medicijn korte tijd of langdurig nodig heeft.

  • Receptcontrole

De apotheker controleert elk recept. Bijvoorbeeld: is het juiste medicijn voorgeschreven en meegegeven, is de dosering goed, kan het medicijn samen met andere medicijnen die u gebruikt. Als het nodig is, overlegt uw apotheker met uw huisarts of specialist.

  • Overzicht van uw medicijnen

Uw apotheker houdt bij welke medicijnen u gebruikt. U kunt in de apotheek altijd om een overzicht van uw medicijnen vragen. Dit kunt u bijvoorbeeld meenemen als u uw specialist bezoekt, in het ziekenhuis wordt opgenomen of naar het buitenland gaat.

  • Delen van informatie over uw medicijnen met andere zorgverleners

Uw apotheker, huisarts en het ziekenhuis kunnen informatie over uw medicijnen met elkaar delen als dat nodig is voor uw behandeling. Dit mag alleen als U daar toestemming voor geeft.

  • Begeleiding bij nieuwe geneesmiddelen

Krijgt u een medicijn dat u in de afgelopen 12 maanden niet hebt gebruikt? Dan krijgt u extra uitleg over deze medicijnen.

  • Ondersteuning als u uw medicijnen weleens vergeet in te nemen

De apotheker heeft daar hulpmiddelen voor. Als uw zorgverzekeraar toestemming geeft, kan uw apotheker uw medicijnen per dag en per tijdstip van inname in aparte zakjes voor u laten verpakken.

  • Persoonlijk gesprek over uw medicijnen

Heeft u vragen over uw medicijnen, of problemen met het gebruik? Bijvoorbeeld moeite met slikken van medicijnen, openmaken van de verpakking, of last van een vervelende bijwerking? Vraag uw apotheker om een persoonlijk gesprek. Hij kijkt dan samen met u welke mogelijkheden er zijn om uw probleem te verhelpen.

  • Medicatiebeoordeling

Uw apotheker en huisarts kunnen u uitnodigen voor een gesprek over uw medicijnen. Dit is mogelijk bij patiënten ouder dan 65 jaar die langdurig meer dan 5 medicijnen gebruiken. Samen met u bespreken ze of er verbetering mogelijk is. Als u bijvoorbeeld last hebt van bijwerkingen van een medicijn kan het soms vervangen worden door een ander medicijn.

  • Zelfzorg

Bij de apotheek kunt u terecht voor advies over medicijnen die u zonder recept (= zelfzorgmedicijnen) kunt kopen, voor verbandmiddelen en cosmetica. De apotheek kan zelfzorgmedicijnen voor u opnemen in uw medicatiedossier. Dan kan de apotheker controleren of u ze veilig samen met uw receptmedicijnen kunt gebruiken.

  • Bezorgservice

Bent u moeilijk ter been? Informeer bij uw apotheek of zij uw medicijnen bij u thuis kunnen bezorgen.

In welke gevallen kan ik beter naar de huisarts gaan?

Neem contact op met uw huisarts:

  • Als u een teek heeft verwijderd die waarschijnlijk langer dan 24 uur op uw huid vast gezeten heeft. Dat geldt óók als u de ziekte van Lyme heeft of al eerder een keer gehad heeft.
  • Als ergens op uw lichaam een verkleuring of rode vlek of ring ontstaat die langzaam groter wordt (ook als u geen tekenbeet heeft opgemerkt).
  • Als de rode vlek na behandeling met antibiotica na enkele weken niet verdwijnt.
  • Als u enkele dagen tot maanden na een tekenbeet griepachtige verschijnselen krijgt (koorts, hoofdpijn, spierpijn, moeheid), ook als u geen rode vlek heeft opgemerkt.
  • Als u dagen tot maanden na een tekenbeet of groter wordende rode vlek andere verschijnselen krijgt die kunnen passen bij de ziekte van Lyme (bijvoorbeeld uitstralende pijn, minder kracht in armen, benen of romp, tintelingen, of pijn in een of meer gewrichten).

Welke medicijnen worden gebruikt bij

DEET
Teken kunnen de menselijk huid vinden door te ruiken. DEET ruikt voor hen sterker dan de menselijke geur. Bovendien vinden de teken deze geur onaangenaam, waardoor ze niet op de huid af komen.

Tetracycline-antibiotica
Tetracycline-antibiotica zijn middelen die de groei van vele soorten bacteriën remmen. Ze remmen de eiwitaanmaak van de bacterie. Een bacterie die geen eiwit kan aanmaken kan zich niet meer vermenigvuldigen en sterft af. Wanneer een teek kans heeft gezien u via een beet te besmetten met een geïnfecteerde bacterie, moet u behandeld worden met een antibioticum. Voorbeeld is doxycycline.

Penicilline-antibiotica
Penicilline-antibiotica doden vele soorten bacteriën en hebben een goede opname in het lichaam. Ze blokkeren een eiwit dat een belangrijke rol speelt bij de bacteriegroei waardoor de bacterie afsterft. Wanneer een teek kans heeft gezien u via een beet te besmetten met een geïnfecteerde bacterie, moet u behandeld worden met een antibioticum. Voorbeeld is amoxicilline.

Macrolide-antibiotica
Macrolide-antibiotica zijn middelen die de groei van vele soorten bacteriën remmen. Ze grijpen in op de eiwitaanmaak binnen de bacterie. Een bacterie kan zonder eiwitten niet verder groeien. Hierdoor sterft de bacterie.

Macrolide-antibiotica worden vooral gebruikt tegen bacteriën die ongevoelig zijn voor andere antibiotica, tegen infecties op plaatsen waar andere antibiotica niet goed doordringen en bij mensen die overgevoelig zijn voor penicillinen. Wanneer een teek kans heeft gezien u via een beet te besmetten met een geïnfecteerde bacterie, moet u behandeld worden met een antibioticum. Voorbeeld is azitromycine.

Cefalosporine-antibiotica
Cefalosporine-antibiotica doden vele soorten bacteriën. Ze blokkeren een eiwit dat een belangrijke rol speelt bij de bacteriegroei, waardoor de bacterie afsterft. Wanneer een teek kans heeft gezien u via een beet te besmetten met een geïnfecteerde bacterie, moet u behandeld worden met een antibioticum. Voorbeelden zijn cefuroxim en ceftriaxon.

Terug naar overzicht